Internationale vrouwendag 2005

Het thema van de internationale vrouwendag op 8 maart a.s. is "Vrouwen Vogelvrij".

Amnesty Bunnik staat met een actiestand in het winkelcentrum op het van Hardenbroekplein, Bunnik op zaterdag 5 maart a.s.
De actie is gericht op drie landen:  Colombia, Atjeh en de Democratische Republiek Congo.

Achtergrond informatie.
Colombia:
In Colombia heerst al 40 jaren een gewapende strijd tussen veiligheidsdiensten en paramilitairen enerzijds en guerilla's anderzijds. Inmiddels zijn 70.000 mensen, merendeels burgers, gedood. Tienduizenden mensen zijn ontvoerd, verdwenen, gemarteld. Drie miljoen mensen werden gedwongen hun huizen te verlaten.
Geweld tegen vrouwen is onderdeel van de strijd. Seksuele mishandeling van de meest wrede soort wordt gebruikt met het doel gemeenschappen te breken. Vrouwen die voor zichzelf en andere vrouwen opkomen lopen voortdurend gevaar. Getuigenverklaringen die Amnesty in het rapport "Colombia: Scarred Bodies, Hidden Crimes" zijn zeer schokkend.
Amnesty International roept o.a. de Colombiaanse regering op het Optioneel Protocol bij het Verdrag inzake de Uitbanning van Discriminatie van Vrouwen te ondertekenen, geweld tegen vrouwen tegen te gaan, de straffeloosheid aan te pakken en zich uit te spreken voor de rechten van vrouwen.

Atjeh:
In Atjeh heerst al 28 jaar een gewapend conflict met de Indonesische centrale overheid. In 2004, na het bloedigste jaar van de strijd, werd de militaire noodtoestand omgezet in een civiele noodtoestand. In de praktijk bleek dat van weinig invloed op militaire operaties, het militaire geweld hield aan.
Op 12 januari 2005, na de verschrikkelijke zeebeving waarbij veel buitenlandse organisaties Atjeh te hulp kwamen, besloot de Indonesische overheid Atjeh opnieuw af te grendelen.
In het Amnestierapport van voor de Tsunami wordt gesproken over vele moorden, onrechtmatige arrestaties, verdwijningen, marteling en verkrachting. Schrijnende verhalen van vrouwen over groepsverkrachting voor de ogen van familie en militairen staan opgetekend. Vrouwen worden onterecht beschuldigd van steun aan de Beweging Vrij Atjeh. Willekeurig vrouwen worden aangevallen op straat. Militairen steken huizen en soms dorpen in brand. Boeren worden belet hun land te verbouwen en velen van hen zijn gevlucht. De samenleving is ontwricht en er heerst grote armoede.
Amnesty vreest dat dit geweld zal doorgaan en dat dit mede reden is waarom buitenlandse organisaties worden geweerd.

Democratische Republiek Congo (DRC):
Tienduizenden vrouwen en meisjes zijn in het oosten van de DRC verkracht en gemarteld door alle strijdende partijen in het gewapende conflict, dat woedt sinds 1998. De vrouwen worden na misbruik verstoten door de eigen familie, leven in grote armoede, hebben psychische problemen terwijl medische zorg nauwelijks voorhanden is. Ook hier wordt seksueel geweld gebruikt om gemeenschappen te breken en het gebeurt dat soldaten door hogerhand worden gedwongen zich seksueel te misdragen. Het komt voor dat zelfs oude vrouwen en baby's worden misbruikt. Rechtspraak functioneert niet of nauwelijks en de vrouwen hebben geen mogelijkheid tot beroep over het hen aangedane leed. Het doen van aangifte door vrouwen is een risico, daar zij opnieuw bedreigd worden door daders. Daders worden niet bestraft.
Ook heeft de regering tot heden geen stappen ondernomen om iets aan gezondheidszorg te doen of hulpprogramma's te organiseren.

Op de actiestand kunt u actiekaarten tekenen, gericht aan de autoriteiten in Colombia en Atjeh om de veiligheid van vrouwen ten opzichte van seksueel geweld te garanderen. Voor de DRC ligt er een petitielijst met een oproep aan de regering tot wederopbouw van de gezondheidszorg.

HOME