Camminghaschool - groep 8

 

Op een zonnige ochtend in maart heeft groep 8 van de Camminghaschool zich verdiept in het werk van Amnesty International. Het was plezierig om de hele morgen aan het programma te kunnen besteden.  

Jan Baarveld heeft eerst iets verteld over zijn werk bij Amnesty en ook over andere vrijwilligersactiviteiten zoals bij het Utrechts Landschap. Het verhaal over de redding van een Galloway-koetje dat in het moeras van Oostbroek bij Bunnik was gezonken werd door de leerlingen goed begrepen als een opstapje naar het werk van Amnesty.

We zijn begonnen met een zoekspelletje over de rechten van het kind. De ene helft van de kinderen krijgt een kaartje waarop een situatie was beschreven van een kind en de andere helft een kaartje waarop een recht is vermeld. De kinderen moesten de situatie bij het daarbij behorende recht zoeken. Op die manier komen verschillende rechten van het kind aan de orde zoals het recht  op een goede opvoeding en bescherming tegen mishandeling, recht op speciale hulp wanneer je een handicap hebt, recht op voedsel, recht op onderwijs. De kinderen blijken al goed op de hoogte omdat het niet nodig bleek te zijn om hen uit te leggen wat een 'recht ' is. Dat is ook niet zo gek omdat meester Stef vaker in de klas onderwerpen op dit gebied behandelt.

Na deze activiteit wordt de film Firoz en Joris vertoond. Het gaat over Joris, een jongen uit groep 8 die een spreekbeurt over Firoz die in Bangladesh woont en door de politie is opgepakt omdat hij vals beschuldigd is van het stelen van een mobieltje. Hij wordt door de politie gemarteld; uit onderzoek van Amnesty blijkt  dat iemand anders het mobieltje gestolen heeft. Omdat Firoz en zijn ouders erg geschrokken zijn van de onrechtvaardige behandeling, Firoz schrikt soms wakker en is dan erg bang, geeft Amnesty het gezin ondersteuning. 

Aan de hand van de film komen allerlei zaken aan de orde zoals een eerlijk proces, het mogen hebben van een advocaat als je gevangen genomen wordt, een fatsoenlijke behandeling door de politie en het verbod om te martelen.

Over de doodstraf, waar Amnesty tegen is, wordt een stevige discussie gevoerd tussen voor en tegenstanders onder de leerlingen: "Je mag iemand niet iets aandoen wat je niet goed vind (namelijk iemand anders doden)" tegenover "Als iemand heel vreselijke dingen heeft gedaan dan zou je in het uiterste geval iemand de doodstraf moeten geven vooral als er kans op herhaling is".
Ook komt naar voren dat eigenlijk overal op de wereld de rechten van de mens geschonden worden met als voorbeelden: doodstraf in de VS, soms ook van minderjarigen, vrouwenmishandeling in Rusland, neerschieten van zwerfkinderen in Brazilië, het inschakelen van kindsoldaten in Afrika.

Na de pauze zou Koksal, een vluchteling uit Turkije, zijn verhaal houden. Jammer genoeg moest hij zelf die dag naar school. Jan Baarveld heeft in grote lijnen het verhaal verteld; er is afgesproken dat we nog een keer samen terugkomen zodat Koksal zijn eigen verhaal kan vertellen.

Hierna heeft de klas gewerkt aan het maken van tekeningen voor kindsoldaten in Oeganda die opgevangen worden in een instelling om te leren weer een normaal leven te gaan leiden. Deze kinderen zijn tot dingen gedwongen die voor volwassenen al vreselijk zijn maar voor een kind  helemaal. Deze kindsoldaten kosten weinig geld omdat ze uit hun dorp geroofd worden. Ze worden gedwongen om onschuldige mensen te doden. Door hun officieren worden ze als slaaf gebruikt . Ook krijgen ze  drugs waardoor ze niet bang zijn (daarna natuurlijk wel).

Om ze wat op te vrolijken hebben de leerlingen vrolijke tekeningen gemaakt die naar hen toegestuurd zijn.  Van andere scholen hebben ze die ook gekregen. Toen de instelling een keer overvallen werd door dieven (vaak gedreven door honger en armoede) zagen deze dieven de tekeningen liggen en wilden ze weten waar deze tekeningen vandaan kwamen en wat de bedoeling was. Nadat ze het hele verhaal van de kindsoldaten hadden gehoord zijn ze weggegaan zonder verder kwaad te doen.

Een verhaal te mooi om waar te zijn maar toch gebeuren die ook soms.  

Jan Baarveld